Hoe werkt het schijvenstelsel?
Nederland hanteert een progressief belastingstelsel. Dat klinkt ingewikkeld, maar het principe is simpel: hoe meer u verdient, hoe hoger het percentage belasting dat u over het meerdere betaalt. Uw inkomen wordt als het ware in plakken gesneden — de beroemde belastingschijven — en elke plak heeft zijn eigen tarief.
Een hardnekkig misverstand is dat u over uw gehele inkomen het hoogste tarief betaalt zodra u in een hogere schijf terechtkomt. Dat klopt niet. U betaalt alleen het hogere tarief over het deel van uw inkomen dat in die schijf valt. Over de onderliggende schijven betaalt u gewoon het lagere tarief.
De belastingschijven voor box 1
Sinds 2020 kent Nederland nog maar twee schijven voor de inkomstenbelasting in box 1 (inkomen uit werk en woning). De eerste schijf loopt tot een belastbaar inkomen van circa €75.518 met een tarief van 36,97%. Alles daarboven valt in de tweede schijf met een tarief van 49,50%. Voor AOW-gerechtigden gelden afwijkende, lagere tarieven in de eerste schijf omdat zij geen AOW-premie meer betalen.
Let op: deze tarieven zijn inclusief premies volksverzekeringen (AOW, Anw, Wlz). De zuivere inkomstenbelasting in de eerste schijf is aanzienlijk lager, maar voor uw portemonnee maakt dat niet uit — u betaalt het gecombineerde tarief.
Rekenvoorbeeld: hoeveel betaalt u?
Stel, u verdient €50.000 bruto per jaar. Na aftrek van de arbeidskorting en de algemene heffingskorting is uw belastbaar inkomen lager. Maar voor de eenvoud: over €50.000 aan belastbaar inkomen betaalt u 36,97%, oftewel €18.485. Daar gaan vervolgens de heffingskortingen nog vanaf, waardoor u effectief minder betaalt.
Iemand die €100.000 verdient, betaalt over de eerste €75.518 het tarief van 36,97% (= €27.929) en over de resterende €24.482 het tarief van 49,50% (= €12.119). Totaal: €40.048 vóór heffingskortingen. Het effectieve tarief komt daarmee uit op zo'n 40%, niet op 49,50%.
Tarieven voor AOW-gerechtigden
Bent u de AOW-leeftijd gepasseerd? Dan betaalt u in de eerste schijf een lager tarief, omdat u geen AOW-premie meer hoeft af te dragen. Het verschil is aanzienlijk: het tarief daalt naar ongeveer 19,07% in de eerste schijf. De tweede schijf blijft 49,50%. Dit verklaart waarom gepensioneerden met een bescheiden aanvullend pensioen relatief weinig belasting betalen.
Hoe kunt u uw belastingdruk verlagen?
De meest effectieve manier is het benutten van alle beschikbare aftrekposten en heffingskortingen. Denk aan de hypotheekrenteaftrek, lijfrentepremies, giftenaftrek en specifieke zorgkosten. Daarnaast kan pensioenopbouw via de werkgever uw belastbaar inkomen verlagen — u betaalt pas belasting als u het pensioen later ontvangt.
Het CBS rapporteert dat huishoudens met een inkomen rond modaal effectief zo'n 28-32% belasting betalen na alle kortingen en aftrekposten. Dat is een stuk minder dan het marginale tarief van 36,97% doet vermoeden.