Wat is lijfrente?
Een lijfrente is een pensioenvoorziening waarmee u fiscaal voordelig spaart of belegt voor uw pensioen. De inleg is aftrekbaar van de inkomstenbelasting (nu belastingvoordeel), maar de uitkering wordt later belast (dan belasting betalen). Het voordeel zit in het tarievenverschil: u trekt nu af tegen mogelijk 49,50% en betaalt later uit tegen 36,97% of 19,07% (als gepensioneerde). Bovendien groeit uw inleg onbelast aan gedurende de looptijd.
Jaarruimte berekenen
De jaarruimte is het maximale bedrag dat u in een jaar fiscaal aftrekbaar kunt inleggen. De formule: 30% × premiegrondslag – pensioenopbouw (factor A × 7,5). De premiegrondslag is uw inkomen minus de AOW-franchise (circa €16.322). Het maximum is €15.317 in 2026. Rekenvoorbeeld: bij een inkomen van €60.000 en een factor A van €1.500 is de jaarruimte: 30% × (€60.000 – €16.322) – (€1.500 × 7,5) = €13.103 – €11.250 = €1.853. Dit bedrag kunt u aftrekken.
Reserveringsruimte: gemiste jaren inhalen
Heeft u in voorgaande jaren uw jaarruimte niet (volledig) benut? Dan kunt u de niet-benutte jaarruimte tot 7 jaar terug alsnog gebruiken als reserveringsruimte. Het maximum is 17% van uw premiegrondslag, met een absoluut maximum van circa €8.065 (onder 10 jaar tot de AOW-leeftijd) of €16.130 (binnen 10 jaar tot AOW). Dit biedt mogelijkheden om in een goed jaar een forse extra inleg te doen en direct belastingvoordeel te realiseren.
Lijfrenteproducten: banksparen of beleggen
U kunt uw lijfrente-inleg storten bij een bank (banksparen), een verzekeraar (lijfrenteverzekering), of een beleggingsinstelling (lijfrentebeleggingsrecht). Banksparen is het veiligst maar levert het laagste rendement. Beleggen biedt hogere potentiële rendementen maar ook meer risico. Een tussenvorm is een lifecycle belegging, die automatisch risicovoller belegt als u jong bent en defensiever naarmate de pensioenleeftijd nadert.
Uitkering: wanneer en hoe?
De lijfrente-uitkering start op een door u gekozen moment, meestal bij pensionering. U kunt kiezen uit: een tijdelijke oudedagslijfrente (minimaal 5 jaar, maximaal tot AOW +5), een levenslange oudedagslijfrente, of een nabestaandenlijfrente. Het jaarlijkse uitkeringsbedrag mag maximaal €25.415 zijn bij een tijdelijke uitkering van 5+ jaar. De uitkering is belast als inkomen in box 1. Bij een lager inkomen na pensionering betaalt u minder belasting dan u heeft afgetrokken bij inleg.
Veelgemaakte fouten bij lijfrente
Te veel inleggen (boven de jaarruimte) — het meerdere is niet aftrekbaar en wordt bij uitkering dubbel belast. Te laat inleggen — de inleg moet uiterlijk op 31 december van het belastingjaar plaatsvinden (of vóór 1 april van het volgende jaar voor banksparen). De verkeerde partner de aftrek laten claimen. En vergeten om de aftrek op te geven in de aangifte — de Belastingdienst vult dit niet automatisch in.